Supersnelrecht Oud en Nieuw mislukt

08 jan, 2019 | Politie, Rechtspraak
9,3
Klanten vertellen

464 beoordelingen

De meeste Nederlanders willen dat oproerkraaiers en relschoppers rond Oud en Nieuw harder worden aangepakt. Om hierin tegemoet te komen werd het supersnelrecht in het leven geroepen. Dit houdt in dat een verdachte binnen drie tot zes dagen wordt berecht. Toch heeft dit tot zover weinig effect gehad. Dit jaar was er nog maar één zitting. Dit komt doordat de meeste zaken te complex zijn voor het supersnelrecht.

Supersnelrecht

In 2008 ontstond er veel onrust over geweld tegen hulpverleners en agenten rond de jaarwisseling. Toen werd het supersnelrecht in werking gesteld om dit gedrag zo snel mogelijk te bestraffen. Op deze manier zouden potentiële daders moeten worden afgeschrikt. Los van de jaarwisseling wordt het supersnelrecht ook toegepast bij andere grote evenementen, voetbalwedstrijden en bij simpele winkeldiefstalzaken.

Aantal zaken

Het aantal zaken dat met het supersnelrecht wordt behandeld lijkt echter steeds kleiner te worden. Dit jaar stond er op 3 januari 1 verdachte voor de rechter, omdat hij agenten had beledigd. Hij kreeg een boete van 1000 euro. Ook de afgelopen jaren had het supersnelrecht maar weinig succes. Dit terwijl in 2011 nog 23 verdachten binnen een week werden voorgeleid.

Complex

Doordat het hier om supersnelrecht gaat moet een zaak binnen een week goed zijn voorbereid. Het blijkt vaak lastig te zijn om zaken in zo’n korte tijd goed rond te krijgen. “Soms zijn de verdachten zelfs nog te dronken om ze al zo snel te berechten”, aldus een woordvoerder van het Openbaar Ministerie. In dat geval worden zaken doorgeschoven of worden behandeld in een gewone snelrechtzitting (binnen 17 dagen).

Bekennen

“Het supersnelrecht werkt eigenlijk alleen als een verdachte wil bekennen en als er geen slachtoffers zijn”, legt hoogleraar strafrecht Henny Sackers uit. “Het supersnelrecht beloofde veel, maar heeft in de praktijk weinig laten zien. Daarnaast is uit onderzoek allang gebleken dat lik-op-stukbeleid niet preventief werkt. “Supersnelrecht tijdens Oud en Nieuw is er alleen om de publieke opinie te bevredigen. Zodat mensen denken: de overheid zit er bovenop”, zegt Jan Brouwer, hoogleraar recht en samenleving.

Slordig

Ook de rechtspraak zelf is niet altijd even tevreden over het supersnelrecht. Zo zou het ervoor zorgen dat zaken slordig worden behandeld. Uit onderzoek van RTL Nieuws bleek in 2014 dat rechters in (super)snelrechtzaken in meer dan 60 procent van de gevallen uiteindelijk een lagere straf opleggen dan werd geëist. Sinds dit bekend werd maakt het OM nog maar mondjesmaat gebruik van de supersnelrechtspraak.