Televisieprogramma Hello Goodbye voor de rechter

28 feb, 2018 | Rechtspraak
9,3
Klanten vertellen

489 beoordelingen

In het zo onschuldige Hello Goodbye geïnterviewd presentator Joris Linsse mensen die op Schiphol op een familielid staan te wachten of juist iemand gaan uitzwaaien. Vaak komen hier mooie verhalen uit. Onlangs was er echter een uitzending waarin een vrouw vertelde dat zij door haar ex-echtgenoot was mishandeld. De ex zag dit en sleept het programma voor de rechter!

Mishandeling

In december treft Joris Linsse een vrouw in de aankomsthal van Schiphol die op haar moeder staat te wachten. Er ontstaat een intiem gesprek, waarbij de vrouw openhartig vertelt over haar relatie. Zij is afkomstig uit Egypte en werd op haar zeventiende uitgehuwelijkt. In 2010 kwam zij met haar man en kinderen naar Nederland. Er was regelmatig sprake van mishandeling en daarom vluchtte zij naar een Blijf-van-mijn-Lijfhuis. Een scheiding volgde. Een mooi en emotioneel gesprek.

Smartengeld

De ex ziet de uitzending en is razend. Hij voelt zich in zijn goede eer aangetast. Hij schakelt een advocaat in en eist een excuses en 2500 euro smartengeld. De KRO-NCRV is dit niet van plan. “Hello Goodbye is geen onderzoeksjournalistiek en er kan dan ook niet worden verwacht dat zij alle uitlatingen van de geïnterviewde personen op juistheid controleren”, schrijft de KRO-NCRV. Toch gaat de productent onderzoek doen en blijkt het verhaal van de vrouw helemaal waar te zijn.

Rechter

De kwestie gaat naar de rechter. Deze geeft eigenlijk meteen al aan dat het aanbieden van een excuses sowieso niet via de rechter kan worden afgedwongen. Bij een excuses gaat het immers om het spontaan en oprecht tonen van berouw. Daar is hier geen sprake van. De KRO-NCRV is niet verantwoordelijk voor de uitlatingen van de vrouw in het programma. Ook recht op wederhoor is in dit geval niet af te dwingen. De aard van het programma leidt niet tot een dergelijke verplichting. Dit ook omdat voor de kijker het verhaal op geen enkele manier te herleiden is naar de man. Er wordt geen naam of woonplaats genoemd en ook wordt er geen foto van hem getoond. Hierdoor is er volgens de rechter ook geen sprake van aantasting van zijn integriteit, persoon en goede naam. De man wordt door de rechter dan ook niet in het gelijk gesteld.